Het belang van familieparticipatie

Mantelzorgers helpen hun naasten vaak uit liefde. U vindt het vanzelfsprekend de zorg op u te nemen. Misschien krijgt u hulp van andere familieleden of bekenden? Niet voor iedereen is dit zo vanzelfsprekend. Zorgen voor iemand met dementie vraagt namelijk veel van een mantelzorger. De overheid streeft ernaar om de rol van mantelzorgers in de uitvoering van de zorgtaken te vergroten. Er wordt vanuit gegaan dat familieleden relatief eenvoudig deze zorgtaken op zich kunnen nemen. Dus niet alleen een partner maar ook de kinderen. Maar gaat dit wel zo makkelijk? En kun je daarbij makkelijk anderen inschakelen?

Vanzelfsprekend?

De hulp van familie is niet altijd zo vanzelfsprekend. Familieleden en kennissen hebben vaak moeite met het veranderende gedrag van hun naaste met dementie, waardoor ze weg blijven of minder makkelijk contact maken. De contacten zoals die er vroeger waren veranderen. Daarnaast voelen partners zich vaak schuldig als ze de zorg voor hun naaste met dementie moeten overdragen aan iemand anders. Dus stellen ze dit uit. Kinderen wonen soms te ver weg. Weten ook niet altijd wat er precies speelt. Of het contact tussen de kinderen onderling is niet goed. Dit kan voor veel problemen zorgen wanneer de partner van degene met dementie niet meer in beeld is.

Familiegesprek

De vrouw van John (57) kreeg 2 jaar geleden te horen dat zij de ziekte van Alzheimer heeft. John vertelt hierover: ´Als je door de eerste schrik heen bent, besef je pas dat je nu ook opeens mantelzorger bent geworden. Eigenlijk was dit voor mij en mijn vrouw heel vanzelfsprekend. Ik zie het niet als een verplichting of taak, het hoort er gewoon bij. Toch merkte ik vorig jaar dat ik erg moe was en weinig energie had. Ik vond het moeilijk om grenzen te stellen en ben naar de huisarts gegaan. Die adviseerde mij om hulp te gaan zoeken in de zorg en begeleiding van mijn vrouw. Vooral de kinderen erbij te betrekken. Eerst wilde ik dit niet. Met onze zoon is het contact niet zo goed en onze dochter woont ver weg. Daarnaast vraag je geen hulp aan je kinderen. Ze hebben drukke banen en hun eigen gezin. In overleg met de casemanager hebben we besloten om een familiegesprek te plannen.’

Uit handen geven

‘Dit was niet makkelijk voor mij. Ik vond het een enorme stap om tegenover mijn kinderen te zeggen dat ik eigenlijk een stuk zorg uit handen moest geven. Ik kwam er tijdens dit gesprek achter dat mijn zoon eigenlijk helemaal niet wist wat er nou precies speelde. Hij schrok ervan. Onze dochter bood meteen aan om eenmaal per week samen met haar moeder iets te ondernemen. Vaak gaan ze nu op donderdag wandelen in de duinen en bij slecht weer een potje sjoelen. Dit deed hun moeder vroeger altijd met hen. Tijdens het familiegesprek merkte ik dat mijn kinderen anders naar de hele situatie keken dan ik. Ze ondersteunen mij nu wel in de zorg en begeleiding van hun moeder en dus mijn vrouw en dat blijven ze doen!

Stap verder

´Inmiddels heb ik ook besloten dat er mogelijk toch nog meer begeleiding ingezet moet worden. Een tijdje geleden waren de kinderen op vakantie. Toen stond ik er weer alleen voor. Ik merkte dat ik het zwaar vond, mijn vrouw gaat nu vanaf volgende week naar de dagbehandeling. Hierdoor krijg ik ook meer rust en ruimte voor mij zelf. Weer een stap, maar het is voor zowel mijn vrouw als voor mij beter. Ik zou mantelzorgers willen adviseren niet te lang te wachten met het vragen van hulp. Voor de mantelzorger is dit een manier om de zorg langer vol te houden en zo zorgt het er ook voor dat degene met dementie langer thuis kan blijven wonen.´